https://wiki.proz.com/personal-glossaries/14681-nl-nl-flemish-to-dutch

Translation glossary: NL-NL (Flemish to Dutch)

Creator:
Filter
Reset
Showing entries 1-50 of 2,886
Next »
 
's anderendaagsde volgende dag, de volgende ochtend, de volgende morgen 
Flemish to Dutch
't is goed meegevallenhet is prima bevallen 
Flemish to Dutch
't is te zeggen, t.t.z.dat wil zeggen, d.w.z. 
Flemish to English
(behoorlijk) verveeld zitten/zijn metin zijn maag zitten met, zitten met, geen raad weten met 
Flemish to Dutch
(Dames en heren) Aandacht, aandacht!Attentie alstublieft, Dames en heren/Reizigers opgelet! 
Flemish to Dutch
(dik) tegen zijn goesting(zeer, erg) tegen zijn zin) tegen zijn zin 
Flemish to Dutch
(een hele) dikke proficiat (aan/voor iemand)van harte gefeliciteerd (met iets) 
Flemish to Dutch
(het) aanklagen dat(het) aan de kaak stellen dat 
Flemish to Dutch
(naar) de flikken bellende politie bellen 
Flemish to Dutch
(nog) niet (eens) aan de hielen kunnen reiken vanniet kunnen tippen aan, het niet halen bij 
Flemish to Dutch
(oud) peeke, peke, pejke, mv. oude (ouwe) peekes, pekes, pejkesoud ventje (mv) oude ventjes 
Flemish to Dutch
24 uur op 24 bereikbaar, vierentwintig uur op vierentwintig bereikbaardag en nacht/ de klok rond/vierentwintig uur per dag bereikbaar 
Flemish to Dutch
24 uur op 24 uur en 7 dagen op 7 bereikbaar24 uur per dag en 7 dagen per week bereikbaar, 24/7 bereikbaar 
Flemish to Dutch
24 uur op 24, vierentwintig uur op vierentwintig24 uur per dag, vierentwintig uur per dag, dag en nacht, de klok rond 
Flemish to Dutch
7 dagen op 7, zeven dagen op zevenzonder onderbreking, voortdurend, zeven dagen per week, de hele week, alle dagen 
Flemish to Dutch
a rato vanà, tegen, ten bedrage van, voor een bedrag van, van (elk), voor, tegen, met een snelheid van, in een verhouding van, naargelang van, naar evenredigheid van, in verhouding tot, naar rato van en naar rata 
Flemish to Dutch
aan één zeel trekken, aan hetzelfde zeel trekkenéén lijn trekken 
Flemish to Dutch
aan boord (van auto of trein)in de auto, in de trein 
Flemish to Dutch
aan de beterhand zijnaan de betere hand zijn, aan de beterende hand zijn 
Flemish to Dutch
aan de deur zettende deur wijzen, buiten de deur zetten, eruit gooien/zetten, ontslaan, wegsturen, de laan uit sturen, op straat zetten, eruit knikkeren, ontslaan 
Flemish to Dutch
aan de klapaan het woord 
Flemish to Dutch
aan de klap geraken (met iemand)aan de praat raken, aan de praat komen 
Flemish to Dutch
aan de klap houdenaan de praat houden, in leven houden, (sport) het de andere lastig maken 
Flemish to Dutch
aan de klap zijn metaan de praat zijn met, in gesprek zijn met 
Flemish to Dutch
aan de staat werkenbij de staat werken 
Flemish to Dutch
aan een prijs van (bedrag) pertegen/voor een prijs van (bedrag) per, à raison van (bedrag) per 
Flemish to Dutch
aan een snel tempoin een snel tempo 
Flemish to Dutch
aan het feest zijniets te vieren hebben, reden tot juichen hebben, gewonnen hebben 
Flemish to Dutch
aan het zeel trekkenéén lijn trekken, de kar trekken (?) 
Flemish to Dutch
aan voordelige voorwaardenop voordelige voorwaarden 
Flemish to Dutch
aan zijn bureelaan zijn bureau, aan zijn schrijftafel 
Flemish to Dutch
aanbevolen briefaangetekende brief 
Flemish to Dutch
aandacht!opgelet!, opgepast!, attentie! 
Flemish to Dutch
aandampenbeslaan, bewasemen, met damp bedekken of bedekt worden 
Flemish to Dutch
aandampingwasem, het beslaan (van ramen, e.d.) 
Flemish to Dutch
aanduiden (mbt personen of gegevens)benoemen, selecteren, aanwijzen (voor een rol of functie), opgeven, vermelden, specificeren (mbt gegevens) 
Flemish to Dutch
aaneenvijzenaan elkaar schroeven 
Flemish to Dutch
aangebranddubieus, dubbelzinnig, schuin, pikant, gewaagd, fout 
Flemish to Dutch
aangehoudengearresteerd, aangehouden 
Flemish to Dutch
aangewezen (BE & EU)raadzaam, wenselijk, verstandig, heilzaam, aanbevelenswaardig, aan te raden, nuttig 
Flemish to Dutch
aanhalenverklaren, vermelden, zeggen, beweren 
Flemish to Dutch
aanhoudenarresteren, aanhouden 
Flemish to Dutch
aanhouderminnaar 
Flemish to Dutch
aanhoudingaanhouding, arrestatie 
Flemish to Dutch
aanhoudingsmandaat (BE & EU)arrestatiebevel, (aanhoudingsbevel) 
Flemish to Dutch
aanhoudsterminnares, maîtresse 
Flemish to Dutch
aankleven (BE & EU)aanhangen, steunen, verdedigen 
Flemish to Dutch
aankomstlijnfinish, finishlijn, eindstreep, meet 
Flemish to Dutch
aanlegplan, plan van aanlegbestemmingsplan 
Flemish to Dutch
aanleunen bijaansluiten bij, overeenkomst vertonen met 
Flemish to Dutch
Next »

Your current localization setting

English

Select a language

All of ProZ.com
  • All of ProZ.com
  • Term search
  • Jobs
  • Forums
  • Multiple search