Translation glossary: NL-NL (Flemish to Dutch)

Creator:
Filter
Reset
Showing entries 351-400 of 2,886
« Prev Next »
 
brutaal (BE & EU)bruut, ruw, hard, wreed, meedogenloos 
Flemish to Dutch
Brute pech!Pech gehad! 
Flemish to Dutch
buisprofprofessor die veel studenten laat zakken 
Flemish to Dutch
buisvakvak waarvoor veel studenten zakken 
Flemish to Dutch
buitengewoon onderwijs (verouderd: bijzonder onderwijs)speciaal onderwijs 
Flemish to Dutch
buitengooiennaar buiten gooien, op straat zetten, ontslaan, (iemand) eruit gooien, eruit zetten, eruit knikkeren, op straat zetten 
Flemish to Dutch
buitenkomennaar buiten komen 
Flemish to Dutch
buitensjottenontslaan, eruit gooien/zetten, op straat zetten 
Flemish to Dutch
buitensmijteneruit gooien, eruit zetten, op straat zetten, afdanken 
Flemish to Dutch
buitenwipperportier, uitsmijter 
Flemish to Dutch
buizen (voor een examen/vak) (onoverg.)stralen, sjezen (zakken voor een examen) 
Flemish to Dutch
bureelbureau, kamer, kantoor 
Flemish to Dutch
burenbabbelburenpraatje 
Flemish to Dutch
burendrinkburenborrel 
Flemish to Dutch
burgemeesterssjerp, sjerpburgemeestersketen, (fig.) burgemeesterschap 
Flemish to Dutch
burgerlijke aansprakelijkheid, BAwettelijke aansprakelijkheid, WA 
Flemish to Dutch
burgervaderburgemeester 
Flemish to Dutch
bus, busje (drank)blik, blikje 
Flemish to Dutch
buskot, buskotje (mv. buskoten, buskotten)bushokje 
Flemish to Dutch
bussel wortelenbos penen 
Flemish to Dutch
bussen (van folders, e.d.)op de bus doen, in de brievenbus(sen) doen 
Flemish to Dutch
busstelplaatsbusdepot, busgarage, busremise 
Flemish to Dutch
buurtdrinkbuurtborrel 
Flemish to Dutch
C4ontslagbrief 
Flemish to Dutch
camionvrachtwagen, vrachtauto 
Flemish to Dutch
camionettebestelwagen, bestelauto, bestelbusje 
Flemish to Dutch
carrémentronduit 
Flemish to Dutch
cavalier seul spelenzijn eigen gang gaan 
Flemish to Dutch
celunit 
Flemish to Dutch
cerebrale sportdenksport 
Flemish to Dutch
chambrantdeurstijl 
Flemish to Dutch
champetterveldwachter, politie-inspecteur bij de lokale politie 
Flemish to Dutch
chancegeluk 
Flemish to Dutch
chapeondervloer, slijtlaag 
Flemish to Dutch
chapeondervloer, slijtlaag 
Flemish to Dutch
chapelurepaneermeel 
Flemish to Dutch
chaperonage, chaperonnagebegeleiding, bevoogding 
Flemish to Dutch
chapewerken, ondervloerwerkenondervloerwerkzaamheden 
Flemish to Dutch
charcuterie(fijne) vleeswaren, wordt en vleeswaren; vleeswarenhandel, vleeswarenwinkel, vleeswarenzaak 
Flemish to Dutch
chauffagecentrale verwarming 
Flemish to Dutch
chauffardbrokkenmaker, zondagsrijder, slechte bestuurder 
Flemish to Dutch
chineuriemand die de rommelmarkten afschuimt 
Flemish to Dutch
chipoterenafdingen, knoeien, prutsen, moeilijk doen, tegenwerken 
Flemish to Dutch
Chiro(katholieke jeugdbeweging in Vlaanderen) 
Flemish to Dutch
chocohomo 
Flemish to Dutch
chocomelk, choco, cécémelchocolademelk, chocomel 
Flemish to Dutch
choleriek, koleriekcholerisch, heftig, driftig, opvliegend 
Flemish to Dutch
chou, sjoeschat, lieveling 
Flemish to Dutch
chouchou, choulieveling 
Flemish to Dutch
cinemazitjebiosstoel,bioscoopstoel 
Flemish to Dutch
« Prev Next »

Your current localization setting

English

Select a language

All of ProZ.com
  • All of ProZ.com
  • Term search
  • Jobs
  • Forums
  • Multiple search